Watermolens ontstaan door tekort aan arbeid
De eerste molens waar de menskracht wordt overgenomen door waterkracht en daarmee molens die door natuurkracht werden aangedreven, stammen uit rond de eerste eeuw van voor onze jaartelling.
De ontwikkeling van watermolens kwam tot stilstand door de beschikbaarheid van voldoende arbeid. Dat betekende dat het niet uitmaakt waar men een molen plaatste, er waren namelijk voldoende slaven om deze aan te drijven. Er is een lange periode geweest dat deze vorm arbeid ruimschoots beschikbaar was, en daarmee goedkoop.
Rond het jaar 425 was het Romeinse Rijk aan zijn einde door de opkomst van het Christendom. Er waren te weinig slaven om molens aan te drijven, en dus onder andere graan te malen. Vanaf toen was men genoodzaakt weer molens langs het water te bouwen en kwamen watermolens verder tot ontwikkeling tot zoals wij die heden ten dage kennen.
Romeinse watermolens
In 2016 heeft Marco (M.M.C.) van Tiggelen een scriptie geschreven voor zijn studie aan de Radboud Universiteit. De scriptie “Romeinse watermolens: De techniek, de toepassing en het belang van watermolens in de late oudheid.” Beschrijft niet alleen de ontwikkeling en de opkomst van watermolens in de Romeinse tijd van circa 200 jaar voor tot circa 300 jaar na de jaartelling, maar ook met name de invloed van de slavernij hier in.
|
Marco van Tiggelen eindigt de conclusie van zijn scriptie als volgt:
|
Verantwoording:
Marco (M.M.C.) van Tiggelen – Radboud Universiteit
Download de scriptie Romeinse watermolens – Marco van Tiggelen – Radboud Universiteit
Leest tevens de pagina UNESCO op deze website.
